Voor het spoornet staan de regels voor geluidsoverlast van treinen in de Wet Milieubeheer, hoofdstuk 11. In deze wet is vastgesteld dat er aan het geluidsproductieplafond gehouden moet worden. Dat is mooi gezegd, maar wat is nou een geluidsproductieplafond?

Geluidsproductieplafond

Aan weerszijden van het spoor zijn referentiepunten ingesteld. Dat zijn geen fysieke punten, maar virtuele punten in een digitaal rekenmodel. Voor ieder punt is een maximaal toegestane geluidproductie berekend. Dit maximum wordt het geluidproductieplafond genoemd. De referentiepunten liggen steeds op 50 meter afstand van het spoor, op 4 meter hoogte en 100 meter uit elkaar. Voor ieder referentiepunt geldt een apart geluidproductieplafond, passend bij de situatie ter plekke.

Maar hoeveel geluid mag er dan geproduceerd worden? Daar gelden 2 cijfers voor, een voorkeurswaarde en een maximale waarde. Hieronder zijn de cijfers:

Voorkeurswaarde Maximale waarde
Spoorwegen 55 dB 70 dB

Dit betekent dus dat op een gevel van een woning bij voorkeur 55dB terecht mag komen. Als maximum geldt 70 dB. Hoger is bij wet niet toegestaan, al kan de minister van Infrastructuur en Milieu altijd nog een uitzondering toepassing. De controle wordt uitgevoerd door ProRail. Bekijk deze video van ProRail, waarin zij uitleggen hoe ze omgaan met geluidsoverlast:

Welke maatregelen worden genomen om het geluid te verminderen?

Om de geluidsoverlast van treinen zo veel mogelijk te beperken, worden verschillende maatregelen genomen om de overlast te beperken. Voorbeelden daarvan zijn:

  • Raildempers: Raildempers zitten aan beide kanten van de spoorstaaf. Ze absorberen trillingen en zorgen zo voor ongeveer 3 dB minder aan geluid.
  • Fluistertreinen: Bijna alle wagons hebben gietijzeren remblokken. Deze maken ontzettend veel herrie. Europese geluidseisen schrijven voor dat nieuwe goederenwagons kunststof remblokken moeten hebben om het geluid te dempen. Deze remblokken houden de wielen glad. Ze zorgen voor 7 tot 8 dB minder geluid dan de oude gietijzeren remblokken.
  • LL-remblokken: Bestaande wagons gaan vaak nog tientallen jaren mee. Voor deze treinen is het in verhouding duur om ze uit te rusten met kunststof remblokken. LL-remblokken zijn dan een alternatief. LL staat voor Low Low friction (Lage Lage wrijving). LL-remblokken gaan minder lang mee dan kunststof remblokken, maar hebben bijna hetzelfde geluiddempende effect.

Wat moet je doen bij geluidsoverlast van treinen?

Indien je een klacht hebt over geluidsoverlast van treinen, dan kun je dit melden via ProRail. De overheid heeft een speciale website in het leven geroepen waarop het geluidsregister van het spoor wordt bijgehouden. Daar kun je dus zien of bij jou in de buurt er aan de maximale geluidsplafond wordt gehouden.